In Rotterdam hangt zondag weer die bekende mix in de lucht: koffie langs de route, gespannen gezichten bij de start en overal mensen die zichzelf wijsmaken dat 42 kilometer “best te doen” is. Tussen al die lopers staat ook Wim Oudejans uit Nijkerk klaar, en dat is er eentje die je niet zomaar vergeet.

Wim is 80 jaar en verschijnt met opvallend veel rust aan de start. Niet omdat hij de marathon even “meepakt”, maar omdat hij een serieus plan heeft. Hij mikt op iets waar je op die leeftijd niet dagelijks over hoort: een Nederlands record.
Een start met een missie
Oudejans vertelde erover in De Coen & Sander Show op JOE, waar hij met nuchtere energie uitlegde wat hem drijft. Het huidige nationale record in de categorie 80+ staat op 4 uur en 4 minuten.
Zijn persoonlijke doel is nog net wat scherper: onder de vier uur finishen in de marathon van Rotterdam. Dat betekent 42 kilometer en 195 meter op tempo lopen, zonder ruimte voor grote inzinkingen. Ambitieus? Zeker. Onmogelijk? Wim denkt van niet.
Twintig jaar geen marathon gelopen
Het opvallende is niet alleen zijn leeftijd, maar ook zijn pauze. Wim liep tussen zijn 50ste en 60ste elf marathons. Daarna was hij er klaar mee. Zijn conclusie toen: “Dat doe ik nooit meer.”
En zoals dat vaak gaat met stevige uitspraken: hij hield het verrassend lang vol. Twintig jaar lang geen marathon. Geen startnummers, geen lange duurlopen met gelletjes, geen weken die draaien om schema’s. Tot er iets veranderde.
Van supporter naar deelnemer
De omslag kwam vorig jaar, toen een van zijn kleinzonen in Rotterdam aan de start stond. Wim stond langs de kant om aan te moedigen, maar merkte dat die rol hem niet lag. Supporteren achter een hek voelde vooral als… wachten.

Hij zei op de radio dat hij het “helemaal niks” vond: dringen om wat te zien, in plaats van zelf tussen de hekken te lopen. En toen kwam dat typische Wim-zinnetje: hij loopt eigenlijk alleen als er “wat te halen valt”.
Waarom juist nu weer die 42 kilometer?
Het plan kreeg vorm toen hij besefte dat er op zijn leeftijd nog titels en records bestaan. De 80+-categorie is klein, maar de prestaties zijn groot. Een nationaal record betekent niet “makkelijk”, het betekent vooral: constant blijven lopen.
Voor Wim werd het een uitdaging met een duidelijke beloning. Als hij de titel kan pakken bij de tachtigplussers, dan lonkt ook dat record op de hele marathon. Niet als grap, maar als concreet project.
Training en vertrouwen in de benen
Natuurlijk kwam in de uitzending de logische vraag: hoe staan de beentjes ervoor? Wim antwoordde zonder twijfel dat het goed zit. Hij klinkt niet als iemand die hoopt dat het wel losloopt, maar als iemand die zijn voorbereiding serieus neemt.
En gaat dat record dan echt lukken? Zijn inschatting was helder: “Ik denk het wel.” Dat soort zelfvertrouwen klinkt bij de één stoer, maar bij Wim vooral: praktisch. Alsof hij het simpelweg heeft doorgerekend.

De marathon van Rotterdam als decor
Rotterdam is niet zomaar een marathon. Het parcours is snel, het publiek is luid en de sfeer is typisch Rotterdams: weinig poespas, veel energie. Voor veel lopers is dit de plek waar persoonlijke records sneuvelen.
Maar een marathon blijft een marathon. Ook met goede benen en een helder doel kan het na 30 kilometer kantelen. Juist daarom is Wims poging zo intrigerend: hij combineert ervaring met een lange pauze en een doel dat nauwelijks marge toestaat.
Een verhaal dat verder gaat dan een tijd
Het mooie aan deze recordjacht is dat het niet alleen over minuten en seconden gaat. Het gaat ook over zin hebben om het weer te proberen. Over niet tevreden zijn met “langs de kant staan”. En over laten zien dat leeftijd niet alles dichttimmert.
Of Wim zondag onder de vier uur duikt, weten we pas bij de finish. Maar één ding is nu al duidelijk: hij loopt niet mee voor de foto. Wat vind jij: is dit vooral lef, discipline, of een beetje van allebei? Laat het weten op onze sociale media.
Bron: metronieuws.nl










