Nederland krijgt er stilletjes een nieuw soort vaste klant bij: de buitenlandse vakantieganger die het hier nét even anders vindt dan thuis. Niet alleen voor een lang weekend in Amsterdam, maar ook voor hotels langs de kust, een camping in het groen of een huisje op een vakantiepark. Pas als je de cijfers bij elkaar optelt, zie je hoe groot die stroom inmiddels is.

Volgens voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) ontvingen Nederlandse hotels, campings en vakantieparken in 2025 samen ruim 52 miljoen gasten. Dat is iets meer dan in 2024, toen het totaal nog net boven de 51 miljoen uitkwam.
Groei komt vooral door internationale gasten
De opvallendste conclusie: de plus komt dit keer niet van Nederlanders die er in eigen land op uit trekken, maar van bezoekers van buitenaf. Het aantal overnachtingen door internationale gasten steeg in 2025 met 5 procent.
Tegelijk liep het aantal binnenlandse gasten juist een tikje terug, met 0,4 procent. Geen dramatische daling, maar wel genoeg om te laten zien dat het vooral de buitenlandse markt is die de boel omhoog duwt.
Hotels blijven de grote favoriet
Wie aan toerisme denkt, denkt al snel aan hotels — en dat beeld klopt. Hotels waren opnieuw veruit het populairste type accommodatie. In totaal verbleven zo’n 33,7 miljoen gasten in een hotel, een stijging van 2 procent vergeleken met 2024.
Opvallend is dat vooral het aantal bezoekers uit de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk is toegenomen. Duitsers bleven ondertussen, net als in eerdere jaren, de grootste groep buitenlandse hotelgasten in Nederland.

Regionale verschillen vallen extra op
Dat toeristen naar Nederland komen, betekent niet dat iedereen er in dezelfde mate van profiteert. Regionaal zijn er duidelijke verschuivingen te zien. Zo daalde het aantal overnachtingen in de provincies Utrecht en Zeeland.
Flevoland ging juist stevig vooruit: daar zag het CBS een stijging van ruim 15 procent. Waarom de voorkeuren zo verschuiven, wordt in de voorlopige cijfers niet uitgelegd. Het kan van alles zijn, van aanbod tot bereikbaarheid.
Vakantieplannen worden voorzichtig(er)
Los van de CBS-cijfers speelt er nog iets op de achtergrond: de wereld voelt voor veel mensen onrustiger. Dat merk je aan hoe we onze vakanties plannen. Volgens de ANWB Vakantiemonitor kiezen we vaker voor bestemmingen dichter bij huis.
Ook pakken we minder vaak het vliegtuig. Voor de komende meivakantie zou 40 procent van de Nederlanders in eigen land blijven. Dat past in een bredere trend: korter weg, minder gedoe en sneller terug als dat nodig is.
Nederland als complete break zonder grens
Wie in Nederland blijft, hoeft zich niet per se te beperken tot ‘een nachtje weg’. Voor veel mensen is het juist aantrekkelijk dat je hier stranddagen, natuur, steden en familie-uitjes makkelijk kunt combineren — zonder lange reis.
Een weekend uitwaaien aan de kust, fietsen door natuurgebieden, of een vakantiepark waar kinderen de hele dag zoet zijn: het zijn precies die mixjes die binnenlandse trips aantrekkelijk houden, ook als het weer niet altijd meewerkt.

Europa wint, verre reizen verliezen terrein
Wie wél over de grens gaat, blijft vaak binnen Europa. Na Nederland worden Duitsland, Spanje, België en Frankrijk veel genoemd als favoriete bestemmingen. Daarbij kiezen reizigers steeds vaker voor de (elektrische) auto als vervoermiddel.
Verder weg reizen lijkt voor een deel van de Nederlanders minder aantrekkelijk geworden. Amerika is een bestemming die duidelijk aan populariteit heeft ingeleverd. En Zuid-Amerika wordt door sommigen gemeden vanwege zorgen over veiligheid.
ABC-eilanden blijven populair, maar iets minder
De ABC-eilanden — Aruba, Bonaire en Curaçao — blijven een geliefde optie voor wie zonzekerheid zoekt en toch binnen het Koninkrijk wil blijven. Tegelijk worden ze dit jaar ‘iets minder vaak genoemd’ dan vorig jaar.
Dat hoeft niet meteen te betekenen dat de liefde over is; het kan ook een kwestie zijn van budget, beschikbare vluchten of simpelweg trends die per seizoen verschuiven. Vakantiekeuzes zijn soms verrassend wispelturig.
Wat betekent dit voor Nederland als bestemming?
Als buitenlandse gasten blijven groeien, kan dat goed nieuws zijn voor hotels, horeca en attracties. Maar het betekent ook dat de druk op populaire plekken kan toenemen, zeker in vakantieweken en rond grote evenementen.
Tegelijk biedt het kansen om toerisme beter te spreiden. Als provincies als Flevoland hard groeien, kan dat wijzen op een verschuiving naar minder overvolle regio’s. Benieuwd: merk jij in jouw omgeving meer toeristen dan vroeger?
Laat vooral je mening achter op onze sociale media: ga jij dit jaar dichter bij huis op vakantie, of kriebelt het toch om verder weg te gaan?
Bron: metronieuws.nl










