In Leiden is Elco Brinkman overleden, een naam die bij veel mensen meteen beelden oproept van een roerige Haagse tijd en een partij die ooit vanzelfsprekend regeerde. Zijn familie maakte bekend dat hij op 78-jarige leeftijd is gestorven na een kort ziekbed.
Waar Brinkman precies aan leed, is niet gedeeld. Wel is duidelijk dat zijn overlijden een punt zet achter een lange loopbaan waarin hij meerdere keren moest opstaan, politiek én persoonlijk, en toch steeds weer een rol vond.

Van ambtenaar naar snelle klim in Den Haag
Brinkman begon niet meteen als politicus in de spotlights. In 1975 kwam hij binnen op het ministerie van Binnenlandse Zaken, aanvankelijk als ‘gewone’ medewerker. Maar zijn opmars ging razendsnel, zoals dat soms gebeurt bij mensen met zichtbaar stuurvermogen.
Vijf jaar later zat hij al op een van de hoogste ambtelijke stoelen: secretaris-generaal. Het maakte hem tot een jonge Macht-in-de-Machine, in een tijd dat bestuur nog vooral draaide om netwerken, dossiers kennen en het vertrouwen krijgen van de top.
Zeven jaar minister en het idee van een ‘zorgzame samenleving’
In 1982 werd Brinkman op 34-jarige leeftijd minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, in de kabinetten Lubbers I en II. Zeven jaar lang was hij verantwoordelijk voor een breed en gevoelig pakket: zorg, cultuur en volksgezondheid.
Als minister pleitte hij voor een “zorgzame samenleving”. Zijn boodschap: mensen waren te afhankelijk geworden van de verzorgingsstaat en zouden vaker naar elkaar om moeten kijken. Dat idee paste bij de politieke wind van die jaren.
Het CDA op z’n hoogtepunt en Brinkman als fractievoorzitter
In 1988 schoof Brinkman door naar de functie van fractievoorzitter van het CDA. De partij was toen nog oppermachtig in Den Haag, gewend om richting te geven aan het politieke midden en vaak ook aan de regering.
Brinkman stond bekend als iemand die het spel kende: stevig, voorbereid en bestuurlijk. In die rol werd hij ook steeds zichtbaarder als mogelijke opvolger van Ruud Lubbers, die in die periode de toon zette in Nederland.
1994: de sprong naar het lijsttrekkerschap
In 1994 werd Brinkman partijleider en lijsttrekker. Alles leek erop te wijzen dat hij de volgende premier zou worden. Lubbers had hem eerder als ‘troonopvolger’ omarmd, en binnen het CDA was de verwachting hooggespannen.
LEES OOK:Veelbesproken Bureau Groningen krijgt startdatum: dit staat kijkers te wachten
Brinkman probeerde het moderne podium op te zoeken: spreken uit het hoofd, weg van het vaste katheder, meer beweging. Het was nieuw voor Nederland en het leverde al snel een bijnaam op: de ‘Brinkman-shuffle’.
Een campagne die ontspoorde
Wat een kroonmoment had moeten worden, veranderde in een lastige campagne. Vlak voor de verkiezingen trok Lubbers publiekelijk zijn handen van Brinkman af. Hij zei zelfs niet op hem te stemmen, maar op nummer drie Ernst Hirsch Ballin.
Dat moment kwam hard aan en bleef Brinkman achtervolgen. Bij de verkiezingen leed het CDA een monsterverlies van twintig zetels. Brinkman verdween daarna uit het Haagse centrumtoneel, zichtbaar geraakt door de manier waarop het eindigde.

Invloedrijk bestuurder buiten de schijnwerpers
Na zijn vertrek uit de politiek bouwde Brinkman een tweede loopbaan op als bestuurder. Hij werd onder meer voorzitter van Bouwend Nederland (tot 2013) en ook voorzitter van het bestuur van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds.
In die functies zat hij opnieuw dicht op grote maatschappelijke dossiers: woningbouw, infrastructuur, pensioenen. Minder camera’s, meer vergadertafels, maar wel met invloed. Het paste bij zijn stijl: bouwen, regelen, doorpakken.
Ziekte en herstel: twee keer kanker, toch door
Brinkmans leven kende ook zware medische hoofdstukken. In 1998 werd non-hodgkin bij hem vastgesteld. Hij herstelde, maar in 2002 volgde opnieuw kanker, dit keer aan de speekselklieren. Ook daarvan kwam hij terug.
Zijn veerkracht werd in 2002 zichtbaar toen hij, een week na zijn laatste chemokuur, als voorzitter van Bouwend Nederland verscheen bij de parlementaire enquêtecommissie Bouwnijverheid. Het typeert zijn neiging om verantwoordelijkheid niet uit de weg te gaan.
Een politieke comeback in de Eerste Kamer
Jaren later, in 2011, kwam Brinkman toch weer terug naar Den Haag. Het CDA vroeg hem om fractievoorzitter in de Eerste Kamer te worden. Daarmee stapte hij opnieuw in de politieke arena, maar nu vanuit een rustiger rol.
In 2016 zei hij in dagblad Trouw dat hij die terugkeer “ook wel een vorm van eerherstel” vond na de gebeurtenissen rond 1994. Voor veel CDA’ers werd hij daarmee opnieuw een symbool van loyaliteit én doorzettingsvermogen.
Reacties uit het CDA en het beeld dat blijft
CDA-leider Henri Bontenbal reageerde op het overlijden door te benadrukken dat Brinkman verantwoordelijkheid nam wanneer daar een beroep op werd gedaan. Hij noemde hem toegewijd, loyaal en veerkrachtig, iemand die zich bleef inzetten voor Nederland.
Wat blijft, is een politicus die zowel het toppunt van macht als de harde werkelijkheid van verlies meemaakte. Hoe kijk jij terug op Elco Brinkman en zijn plek in de Nederlandse politiek? Laat het weten via onze socials.
LEES OOK:Veel WhatsApp-gebruikers hebben deze instelling aanstaan zonder te weten wat het risico is
Bron: nos.nl










