Op een doordeweekse avond in het hart van Amsterdam trokken felle kreten en opvallende spandoeken de aandacht van voorbijgangers. Op de Dam, het centrale plein van de hoofdstad, verzamelden tientallen actievoerders zich om hun steun voor de Palestijnse zaak te tonen.

Toch bleef het niet bij vreedzame leuzen: sommige uitingen riepen bij de autoriteiten en het publiek grote verontwaardiging op.
De emoties liepen hoog op, niet alleen door de teksten op de spandoeken, maar ook vanwege de verwijzingen naar gevoelige data en gebeurtenissen. Zo werd er gescandeerd: “Long live the 7th of October”, een duidelijke verwijzing naar de aanval van Hamas in Israël drie jaar geleden.
Voor burgemeester Femke Halsema was het tafereel aanleiding tot afschuw, een sentiment dat ze deelde met het Openbaar Ministerie (OM) en de politie. Toch grepen de autoriteiten niet meteen in.
Geen strafbaar feit, ondanks afschuw
Pas later in de avond werd de demonstratie ontbonden, nadat de groep actievoerders zich niet hield aan de afgesproken route en richting het Waterlooplein trok. Daar kwamen ze in de buurt van locaties met een sterke Joodse betekenis, waaronder het Joods Museum, het Holocaust Namenmonument en de Portugese Synagoge.
Volgens burgemeester Halsema en het OM waren de uitingen van de demonstranten weliswaar “shockerend en onsmakelijk”, maar niet strafbaar. Hierdoor was er in eerste instantie geen juridische grond om de betoging te verbieden of op te treden tegen de deelnemers.
Een woordvoerder van het Amsterdamse Openbaar Ministerie lichtte toe dat er volgens hun oordeel geen sprake was van opruiing. “Door de uitingen wordt men niet aangemoedigd strafbare feiten te plegen,” aldus de woordvoerder. Daarmee was het voor de autoriteiten niet mogelijk maatregelen te nemen, ondanks de inhoud van de uitingen.
Bevoegdheden van de burgemeester
Hoogleraar staats- en bestuursrecht Jon Schilder bevestigde tegenover de NOS dat een burgemeester niet verantwoordelijk is voor de inhoud van een demonstratie. De taak van de burgemeester is beperkt tot het beoordelen van de openbare orde.
“Zij mag alleen maar kijken of er wanordelijkheden dreigen. En dan pas mag ze ingrijpen.” Volgens Schilder handelde Halsema juist door niet direct in te grijpen aan het begin van de demonstratie.
De situatie veranderde pas toen de demonstranten zich niet aan de afgesproken route hielden. In plaats van hun oorspronkelijke plan volgden ze een pad richting het Waterlooplein, een locatie met veel Joodse gebouwen. Toen de groep van ongeveer 75 actievoerders daar arriveerde, werden ze tegengehouden door de politie.
Agenten maakten duidelijk dat de betogers alleen richting het stadhuis mochten lopen, zo meldde de lokale omroep AT5. Een deel van de actievoerders probeerde vervolgens door de linie van politieagenten te breken, maar slaagde daar niet in.
Op dat moment besloot burgemeester Halsema de demonstratie geheel te ontbinden, waarbij het kort onrustig werd tussen de demonstranten en de politie.
Nieuwe wet op komst
De vraag rees of dergelijke uitingen in de toekomst wel strafbaar zouden kunnen zijn. Afgelopen zomer werd er een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd waarin het verheerlijken van terroristische misdrijven strafbaar wordt gesteld. Dit geldt zowel voor persoonlijke uitingen als voor het verspreiden van beeldmateriaal met dezelfde strekking.
Tevens verbiedt het wetsvoorstel steunbetuigingen aan verboden terroristische organisaties zodra de wet van kracht is.
Volgens hoogleraar Schilder zou een spandoek met de tekst “We Support Hamas”, zoals op de Dam te zien was, onder de nieuwe wet niet meer zijn toegestaan. “Zulke spandoeken zullen net als Hamas-vlaggen binnen de reikwijdte van dit wetsvoorstel vallen.
Dat is iets dat daadwerkelijk wordt veranderd als deze wet zou worden ingevoerd,” aldus Schilder.
Grenzen en gevolgen van de nieuwe wet
Toch betekent de invoering van de nieuwe wet niet automatisch dat een burgemeester preventief een demonstratie zou kunnen verbieden. Schilder benadrukt dat preventief optreden niet mogelijk is. “Pas als bijvoorbeeld een vlag van Hamas ontvouwd wordt, kan de politie ingrijpen en mensen arresteren.”
De straffen die op overtreding van de nieuwe wet komen te staan zijn fors: maximaal twee jaar gevangenisstraf en een geldboete. Omdat het om een misdrijf gaat, zou een veroordeling ook een strafblad opleveren.
Desondanks plaatst Schilder een kanttekening bij de praktische uitvoering. Door capaciteitsproblemen bij het OM worden veel zaken niet opgepakt. Of het OM daadwerkelijk tot vervolging overgaat in zaken als deze, is volgens hem deels een politieke keuze.
“Het is maar de vraag of het OM er überhaupt aan toekomt: door ondercapaciteit moeten ze veel zaken laten liggen. Of ze zaken zoals deze gaan vervolgen, is dus voor een deel ook een politieke keuze.”
Grijze gebieden in de rechtspraak
Een ander potentieel probleem is de onduidelijkheid over waar de grens ligt van wat precies onder ‘verheerlijking van terrorisme’ valt. Schilder noemt als voorbeeld het spandoek met de tekst “Long live the seventh of October” dat tijdens de demonstratie werd getoond.
Volgens hem is dat een grijs gebied: “Dat is grijs gebied, omdat niet duidelijk is wat er precies met die datum wordt bedoeld.” Daarmee is het voor de strafrechter lastig om tot een veroordeling te komen.
Schilder vergelijkt het met de langdurige rechtszaak rondom de ‘minder Marokkanen’-uitspraak van Geert Wilders. Daarover werd jarenlang gediscussieerd tot uiteindelijk de Hoge Raad oordeelde dat de uitspraak strafbaar was. “Het is niet zwart-wit. In dat opzicht doet het een beetje denken aan de ‘minder Marokkanen’-uitspraak van Geert Wilders.
Daar is jaren over gediscussieerd, tot uiteindelijk de Hoge Raad zei: dat was wel strafbaar.”
Volgens hem kan bij het verheerlijken van terrorisme niet op voorhand worden geoordeeld of iets strafbaar is of niet. “De strafrechter zal niet snel tot een veroordeling komen.” Daarmee blijft de beoordeling van dit soort uitingen altijd afhankelijk van de context en de interpretatie door de rechter.











