Frénk van der Linden (68) heeft te horen gekregen dat hij lymfeklierkanker heeft en dat de behandeling tot nu toe niet aanslaat. In een open interview met Villamedia vertelt de journalist en radiopresentator dat hij zich “heel erg ziek” voelt.
Behandeling slaat nog niet aan
De ziekte blijkt hardnekkig: bestraling en chemotherapie hebben vooralsnog niet het gewenste effect. Van der Linden zegt dat zijn leven momenteel bestaat uit “ziekenhuis in, ziekenhuis uit”, met alle onzekerheid en uitputting die daarbij horen.
Hij verwoordt het in simpele, bijna droge zinnen: een fout ergens in een cel, gevolgd door meer foute celsplitsingen. Het klinkt technisch, maar in zijn woorden voel je vooral de werkelijkheid erachter: dit is geen fase waarin je “even aansterkt”.
Een carrière met nauwelijks ziektedagen
Juist het contrast maakt indruk. Van der Linden vertelt dat hij in zijn lange loopbaan als journalist—volgend jaar zou dat vijftig jaar zijn—slechts twee ziektedagen opnam. Eén daarvan was zelfs “gelogen ook”, zegt hij, voordat hij stilvalt.
Die stilte zegt bijna net zoveel als de woorden. Hij vraagt op een gegeven moment of hij het hierbij mag laten, omdat het gesprek hem zichtbaar zwaar valt. Een zeldzaam kwetsbaar moment van iemand die doorgaans bekendstaat als scherp, talig en controle houdend.
Steun van Mylou Frencken
In het interview komt ook zijn relatie met zijn vrouw, cabaretier Mylou Frencken, voorbij. Van der Linden noemt hun band meer dan een huwelijk: een “taalgemeenschap”. Jarenlang vonden ze altijd precies de juiste woorden om elkaar te troosten.
Maar nu, zegt hij, lukt dat niet meer zoals vroeger. En juist voor twee mensen die zo op taal drijven, kan dat pijnlijk zijn. Een stilte kan dan niet geruststellend zijn, maar “tot een marteling” worden.
Bekend gezicht en bekende stem
Veel mensen kennen Van der Linden van zijn interviews en artikelen, onder meer in de Volkskrant. Ook werkte hij jarenlang als presentator van Kunststof op NPO Radio 1, waar hij kunstenaars, schrijvers en denkers ondervroeg met aandacht en tempo.
Daarnaast was hij ooit een vaste gast aan talkshowtafels, waaronder De Wereld Draait Door. Hij vertelt dat hij op een gegeven moment bewust stopte met televisie, omdat het medium volgens hem “karakterbedervend” kan zijn, zelfs als je denkt dat je er weerstand tegen hebt.
Waarom hij de tv verleiding wantrouwde
Van der Linden legt uit dat je al snel wordt verleid door de aandacht: je gezicht op het scherm, de herkenning op straat, het extra plakje rosbief bij de slager. Dat soort kleine beloningen kan ongemerkt een verslaving worden.
En dan rijst volgens hem de vraag: wat doet het ertoe wat ik vind? Natuurlijk kan hij gefundeerd praten over politiek of media, maar waarom zou hij zich moeten uitspreken over ieder heet hangijzer, van maatschappelijke discussies tot aanslagen, alsof zijn mening noodzakelijk is?
Het stoppen van Kunststof en kritiek op de NPO
Kunststof, het radioprogramma waar Van der Linden bijna een kwart eeuw aan verbonden was, stopte eind vorig jaar. In het interview klinkt frustratie door over de keuzes binnen de publieke omroep: er moest zo nodig “nóg een programma komen met voetbalflitsen”.
Hij hoopt dat de NPO ooit terugkomt op dat soort beslissingen. Zijn idee: laat commerciële omroepen het snelle, makkelijke entertainment doen en gebruik publieke middelen juist om programma’s te behouden die verdieping brengen, zoals Tegenlicht, Andere Tijden en dus ook Kunststof.
Wat blijft hangen
Het gesprek met Villamedia is uiteindelijk meer dan een carrièreterugblik. Door de ziekte schuift alles in perspectief: roem, televisieoptredens, radiomomenten, de strijd om zendtijd. Wat overblijft is een mens die aangeeft dat hij ernstig ziek is en dat het traject zwaar is.
De kern zit in die paar zinnen waarin Van der Linden zijn situatie samenvat en vervolgens om rust vraagt. Geen grote dramatiek, geen opsmuk—alleen een directe werkelijkheid. Juist daardoor komt het binnen.
Wat vind jij van zijn openheid en van de keuzes die de publieke omroep maakt? Laat het weten en praat mee via onze sociale media.


