De oorlog in het Midden-Oosten voelt voor veel Nederlanders misschien ver weg, maar volgens Rabobank kan de rekening verrassend snel op onze eigen deurmat vallen. Als het conflict verder escaleert en olie- en gasstromen worden geraakt, kan dat direct doorsijpelen naar tankstations, energienota’s en boodschappenprijzen.
Rabobank schetst in een analyse meerdere scenario’s die laten zien hoe gevoelig de Nederlandse portemonnee is voor onrust in een regio waar een groot deel van de wereldwijde energieproductie én -doorvoer samenkomt. Vooral olie, LNG (vloeibaar gemaakt aardgas) en de scheepvaartroutes zijn daarbij bepalend.
Waarom het Midden-Oosten zo belangrijk is voor energie
Een flink deel van de mondiale olie en gas is verbonden aan landen rond de Perzische Golf. Niet alleen de productie telt mee, maar ook het transport: veel tankers moeten langs smalle, strategische routes om de wereldmarkt te bereiken.
Een van die knelpunten is de Straat van Hormuz. Als schepen daar niet veilig kunnen varen of moeten omvaren, ontstaan er vertragingen en onzekerheid. En onzekerheid is op energiemarkten vaak al genoeg om prijzen te laten stijgen.
Energiecontracten kunnen snel honderden euro’s duurder worden
Rabobank verwacht dat een nieuw energiecontract voor een gemiddeld huishouden kan oplopen van ongeveer 200 euro naar rond de 250 euro per maand. Dat is geen kleine verhoging: op jaarbasis praat je al snel over honderden euro’s extra.
Worden verstoringen langduriger, bijvoorbeeld doordat transport door de Straat van Hormuz echt in het gedrang komt, dan kunnen de maandlasten verder oplopen. In dat scenario noemt Rabobank bedragen van boven de 300 euro per maand voor een nieuw contract, met inflatie die boven de 3 procent kan uitkomen.
Brandstofprijzen reageren vaak als eerste
Waar energierekeningen soms met vertraging binnenkomen, zie je benzine- en dieselprijzen doorgaans sneller bewegen. Bij spanningen in olieproducerende regio’s reageren handelaren en raffinaderijen vrijwel direct, en dat merk je vervolgens aan de pomp.
Rabobank houdt in een ongunstig scenario rekening met een benzineprijs die richting 2,50 euro per liter kan gaan. Ondertussen kruipen de prijzen nu al omhoog: UnitedConsumers meldt dat de adviesprijs voor Euro95 stijgt naar ongeveer 2,34 euro per liter.
Diesel stijgt harder en kruipt tegen benzine aan
Opvallend is dat diesel momenteel sterker stijgt dan benzine. Volgens dezelfde cijfers gaat de adviesprijs voor diesel met ruim 8 cent omhoog naar circa 2,27 euro per liter, waardoor het verschil tussen beide brandstoffen klein wordt.
Dat raakt niet alleen automobilisten, maar ook de sectoren die afhankelijk zijn van vervoer: bezorgdiensten, transportbedrijven en ondernemers die veel kilometers maken. Die hogere kosten kunnen later weer terugkomen in prijzen van producten en diensten.
Het ‘zwartste scenario’: benzine rond 3 euro per liter
Rabobank schetst ook een extreem scenario waarin de benzineprijs kan pieken rond de 3 euro per liter. Dat hangt samen met een olieprijs die zou kunnen stijgen naar ongeveer 150 dollar per vat, bijvoorbeeld bij zware verstoringen of schade aan cruciale installaties.
In zo’n situatie zouden ook energieprijzen tijdelijk zeer hard kunnen oplopen. De bank noemt dan nieuwe energiecontracten van meer dan 400 euro per maand als mogelijkheid. Het gaat daarbij om een scenario waarin belangrijke infrastructuur in landen als Qatar en Saoedi-Arabië zwaar wordt geraakt.
Inflatie kan opnieuw stevig aantrekken
Als energie duurder wordt, werkt dat vrijwel altijd door in de inflatie. Niet alleen omdat mensen meer betalen voor gas, stroom en brandstof, maar ook omdat bedrijven hogere kosten hebben voor productie, transport en koeling en die proberen door te berekenen.
Rabobank stelt dat de inflatie bij verdere escalatie kan oplopen tot 4,3 procent, met mogelijk zelfs een piek rond de 5 procent. Tegelijkertijd zou de economische groei fors kunnen vertragen, met een raming van ongeveer 0,6 procent.
De dreiging alleen kan al effect hebben op productie
De analyse wijst erop dat zelfs dreiging van geweld invloed kan hebben op de energievoorziening. Zo werd in Qatar eerder deze week tijdelijk de productie van LNG stilgelegd. Dat soort beslissingen worden genomen om grote risico’s te beperken.
Rabobankeconoom Igor Džambo legt uit dat alleen al de kans op een aanval genoeg kan zijn om installaties uit voorzorg te sluiten. Het idee is simpel: liever tijdelijk stoppen dan het risico lopen op een enorme explosie als er iets inslaat.
Wat dit betekent voor huishoudens én bedrijven
Hogere energie- en brandstofprijzen raken niet alleen het huishoudenbudget, maar ook de hele economie. Als vaste lasten stijgen, houden consumenten vaker de hand op de knip. Minder uitjes, minder aankopen, meer twijfel bij grotere uitgaven.
Bedrijven voelen het eveneens: energiekosten worden hoger en investeringen worden sneller uitgesteld. Die combinatie kan de economische groei afremmen. En omdat bedrijven hun kosten deels doorrekenen, kan de prijsdruk in winkels en dienstverlening langer aanhouden.
Waarom dit anders is dan de energiecrisis van 2022
Rabobank benadrukt dat de situatie niet één-op-één te vergelijken is met 2022, toen de Russische inval in Oekraïne leidde tot een Europese energiecrisis. Europa was toen sterk afhankelijk van Russisch gas, en de omschakeling kwam hard en snel.
Inmiddels haalt Europa meer gas uit andere landen, zoals de Verenigde Staten. Toch blijft de markt wereldwijd: als er ergens schaarste ontstaat, gaan landen concurreren om dezelfde ladingen LNG. Dat kan prijzen ook hier weer opdrijven, zelfs als Qatar vooral aan Azië levert.
Internationale druk op vrije doorvaart
Een punt dat Rabobank ook noemt, is dat er internationaal veel belang is bij open scheepvaartroutes. De Straat van Hormuz is niet alleen belangrijk voor Europa, maar ook voor grote afnemers zoals China. Dat vergroot de druk om de doorvaart open te houden.
Tegelijk is ‘druk’ geen garantie. Markten kijken niet alleen naar wat er vandaag gebeurt, maar vooral naar wat er mogelijk kan gebeuren. En juist dat maakt energieprijzen soms zo beweeglijk: een risico-inschatting kan al tot hogere premies en prijzen leiden.
Zelfs als de rust terugkeert, kan het nog weken doorwerken
Ook wanneer spanningen snel afnemen, zijn de effecten niet altijd meteen weg. Productie moet weer op gang komen, scheepvaartroutes kunnen tijdelijk aangepast blijven en voorraden moeten opnieuw worden opgebouwd. Dat kost tijd.
Rabobank verwacht daarom dat verstoringen weken tot maanden kunnen doorwerken in de economie. De eerste schok zie je vaak direct bij brandstof, daarna volgen contractprijzen en uiteindelijk kan het breed voelbaar worden in inflatie en koopkracht.
Wat kun je als consument nu doen?
Niemand kan de olie- en gasmarkt voorspellen, maar je kunt wel je eigen kwetsbaarheid verkleinen. Denk aan bewuster energieverbruik, het vergelijken van contracten als je tegen verlengen aanzit, en slim plannen als je veel kilometers moet maken.
En vooral: houd het nieuws nuchter in de gaten. Het ‘zwartste scenario’ is volgens Rabobank niet de verwachting, maar wel een mogelijkheid. Benieuwd hoe jij dit merkt in je dagelijkse uitgaven? Laat het ons weten op onze sociale media—reageer je mee?
Bron: socialnieuws.nl


