Ik ben even zwart als zwarte piet, maar ik voel me niet aangesproken door zijn ‘inherent racistische karakter’

Assita Kanko is auteur, onderneemster en Europarlementslid voor N-VA en schrijft in een open brief aan Bart Cammaerts hoogleraar politiek en communicatie aan de London School of Economics and Political Science naar aanleiding van zijn opiniestuk het volgende:

Geachte heer Cammaerts,

Jawel, het is opnieuw die tijd van het jaar. Binnenkort komt de stoomboot uit Spanje opnieuw aan, en naar goede jaarlijkse gewoonte zorgt de Sint dan niet enkel bij de brave kinderen voor de nodige opwinding. In een opiniestuk in De Morgen maakt u zich vanuit Londen druk over “het inherente racistische karakter van de zwarte piet-traditie”.

Sterker nog: u bent er vanuit Londen meer en meer van overtuigd geraakt dat veel witte Vlamingen in totale ontkenning leven dat hun alledaagse visies en handelen in se racistisch zijn. Dat is op zich al geen lichte beschuldiging voor de Vlaming die ik intussen ook ben, maar ik voelde me pas écht aangesproken toen u er ook mijn partij bij haalde. “Het artificiële verschil dat de N-VA en andere Vlaams-nationalisten maken tussen een cultureel Vlaams-zijn en een etnisch Vlaams-zijn, is een handige politieke mythe om hen van racisme te zuiveren. Immers, als puntje bij paaltje komt, is voor velen de enige ‘echte’ Vlaming, een witte Vlaming.”

Ik heb het tweemaal moeten lezen, maar echt, zo stond het er. Zwart op wit, jawel.

Wel meneer Cammaerts: ik moet u ontgoochelen en zelfs verrassen. Dat je als Vlaming perfect zwart, lesbisch, of moslim, of alledrie tegelijk, … kan zijn, dat besefte ik pas toen ik bij de N-VA zat. Kijk naar hoeveel diversiteit je bij ons hebt. Ik ben geen witte Vlaming, maar als zwarte Vlaming heb ik uitgerekend bij die Vlaams-nationalistische partij de kans gekregen om een gooi te doen naar een zitje in het Europees parlement.

Sterker nog: ondanks die volgens u in se racistische visie van heel wat Vlamingen ben ik er op de koop toe ook nog in geslaagd om dat zitje te veroveren met een score waarmee ik in de Vlaamse top 10 zat: 85.950. En zowat elke dag nog kom ik in contact met Vlamingen – van Kortrijk tot Hasselt – die er helemaal geen graten in zien om lang met mij te praten, hun problemen te delen, mij moed in te spreken, samen selfies te maken en samen flink wat af te lachen.

Ik moet u ook een tweede maal ontgoochelen: hoewel ik zelf even zwart ben als die goede ouwe zwarte piet, voel ik me helemaal niet aangesproken door zijn zogenaamd ‘inherent racistische karakter’. Ik ga er namelijk van uit dat zwarte piet gewoon terug te brengen is tot een eeuwenoude traditie, waarbij die brave knecht minstens al een deel van zijn kleurtje ontleende aan al die schoorstenen die hij op zijn weg tegenkwam.

Sterker nog: ik ga er ook van uit dat zwarte piet voor de overgrote meerderheid van de Vlamingen gewoon past in de traditie van een eeuwenoud kinderfeest. En dat ouders en kinderen die binnenkort opnieuw volop zullen genieten van Sinterklaas daar in de verste verte geen racistische bedoelingen mee hebben. Of zoals u het in Londen wellicht zou verwoorden: Much ado about nothing. Kunnen we dan ook afspreken om de Sint en zijn knecht voortaan niet meer te misbruiken voor politieke of ideologische doeleinden? Het is een kinderfeestje.

Wat me evenwel nog veel meer stoort in uw opiniestuk, is dat u alles en iedereen op één racistisch en dicriminatoir hoopje gooit. U gaat ervan uit dat de Vlaming er nog steeds van overtuigd is dat een Vlaming per definitie blank is. Waarbij u meteen ook dé Vlaming stigmatiseert en wegzet als een onverbeterlijke racist. Waarom zoveel self bashing? Ik herken de eeuwige schuldige witte man. Natuurlijk worden mensen met allochtone roots soms gediscrimineerd op de arbeidsmarkt, maar dit geldt net zo goed – en wellicht nog meer – voor 50-plussers die een nieuwe baan zoeken, voor vrouwen die kinderen krijgen… En uiteraard vragen we van nieuwkomers hier dat ze zich zoveel mogelijk integreren, de taal van het land leren en een aantal gewoonten en gebruiken eigen maken. Maar zeg eens: zou u dat zelf ook gemakshalve niet doen, mocht u morgen uitgenodigd worden om in China te gaan doceren? En heeft het verleden ons intussen niet geleerd dat het net in het belang van die nieuwkomers is om nog veel sterker in te zetten op integratie of op een goede beheersing van het Nederlands? Of zoals u het in Londen wellicht zou verwoorden: When in Rome, do as the Romans do.

Kunnen we dan ook afspreken om maatschappelijke uitdagingen voortaan niet meer te misbruiken voor politieke of ideologische uitdagingen? Het helpt ons helemaal niet vooruit.

Assita Kanko is auteur, onderneemster en Europarlementslid voor N-VA