Nicolette Kluijver is klaar met het stempel dat ze de afgelopen maanden steeds vaker op zich geplakt ziet: dat van ‘white savior’. Volgens haar klopt dat beeld niet, al snapt ze wel waar de kritiek vandaan komt. En toch: het doet iets met haar.

Kritiek op video’s uit Gambia
Vorig jaar zomer verschenen er op social media meerdere video’s waarin Nicolette samen met haar partner in een arm dorp in Gambia te zien was. Ze werden toegejuicht door bewoners en kinderen, terwijl ze hun project – een nieuw hotel – in beeld brachten.
Die beelden vielen bij veel mensen verkeerd. Niet eens per se omdat er wordt geïnvesteerd in een land waar kansen ongelijk verdeeld zijn, maar vooral door de manier waarop alles werd gepresenteerd: emotioneel, groots en met Nicolette zelf opvallend nadrukkelijk in de hoofdrol.
Waarom mensen ‘white savior’ riepen
De term ‘white savior’ wordt gebruikt voor westerse (vaak witte) mensen die in armere landen hulp bieden, maar daarbij ook – bewust of onbewust – vooral hun eigen rol als redder uitlichten. Het gaat dan niet alleen om wát je doet, maar vooral om hóe je het laat zien.
Op social media klonk het dat dit soort filantropie al snel ongemakkelijk wordt als het draait om applaus, tranen en camera’s. Sommige kijkers vonden de video’s tenenkrommend, juist omdat de lokale bevolking werd neergezet als decor bij een persoonlijk succesverhaal.
Mark Koster sluit aan bij de kritiek
Ook journalist Mark Koster mengde zich in de discussie. Hij beschreef hoe Nicolette zich volgens hem huilend liet filmen, omringd door kinderen, en dat dat overkwam alsof ze vooral iets wilde ‘showen’ in plaats van ondersteunen.
Die opmerkingen raakten een bredere zenuw: de vraag waar de grens ligt tussen oprecht iets goeds doen en het etaleren van die goedheid. Zeker op platforms waar likes en bereik altijd meewegen, is dat een discussie die snel oplaait.

‘Het raakt me, maar ik begrijp het’
In gesprek met LINDA. reageert Nicolette op de commotie. Ze zegt dat ze de kritiek heeft gelezen en dat het haar raakt, maar dat ze het ook begrijpt. Volgens haar hoort het bij haar werk dat mensen oordelen, ook als dat hard binnenkomt.
Ze erkent dat men aan haar intenties twijfelt. En dat snapte ze, zegt ze, toen mensen haar emotionele beelden zagen. “Dan denk je al snel: doe normaal, je lijkt Moeder Teresa wel,” is de gedachte die ze bij kijkers herkent.
Emotie rond schooluniformen
Volgens Nicolette was haar emotie echter niet gespeeld. Ze vertelt dat de kinderen in het dorp enorm blij waren met hun nieuwe schooluniformen. En die uniformen zijn volgens haar niet zomaar symbolisch: zonder uniform zouden ze niet naar school mogen.
Dat moment ontroerde haar, zegt ze. Ze vindt het logisch dat mensen het overdreven vonden ogen, maar voor haar voelde het juist als een heel tastbaar verschil dat je kunt maken. Niet als een show, maar als een echte verandering voor die kinderen.
‘Ik snap dat het superieur kan klinken’
Nicolette begrijpt ook dat sommige uitspraken verkeerd kunnen vallen. Zo zegt ze dat het “koloniaal bijna” kan overkomen wanneer ze vertelt dat ze het personeel van het hotel zelf opleiden. Ze benadrukt dat dat niet zo bedoeld is.
Haar uitleg: ze wordt simpelweg gelukkig van helpen, en ze ziet dat anderen daar ook blij mee zijn. Tegelijk geeft ze toe dat de taal die je gebruikt en de beelden die je deelt, snel een hiërarchisch gevoel kunnen oproepen.
Waarom ze toch blijft posten
Toch blijft Nicolette video’s delen vanuit Gambia. Niet alleen omdat ze trots is op wat er is opgebouwd, maar ook omdat zichtbaarheid praktisch nut heeft. Ze zegt eerlijk dat reclame helpt: een hotel moet tenslotte gasten trekken.
Bovendien heeft die online aandacht volgens haar een bijeffect: door de video’s melden zich mensen die óók willen bijdragen aan het project. Dat kunnen donateurs zijn, partners, of mensen met ideeën en middelen om verder te bouwen.
Wanneer het project voor haar geslaagd is
De lat voor succes legt Nicolette uiteindelijk vooral bij de bedrijfsvoering. Het project is voor haar geslaagd als het komend jaar voldoende goede recensies en gasten oplevert. Het hotel moet op eigen benen kunnen staan.
De locatie is daarbij specifiek: reizigers die van Senegal naar het zuiden trekken, komen door Gambia en rijden langs hun plek. Ze richt zich op zakenmensen op doorreis en toeristen die één of twee nachten blijven.

Geen resort, wel een tussenstop
Nicolette maakt ook duidelijk dat dit geen klassieke vakantieplek is waar je een week lang aan het zwembad hangt. Ze zegt zelf: “Je moet niet voor een week boeken, dat is te lang.” Daarmee wil ze verwachtingen temperen.
In de omgeving is namelijk niet enorm veel te doen, behalve natuur kijken – ze grapte dat je er vooral “vogels op een stokje” kunt zien. Maar, voegt ze eraan toe: de bedden zijn wél heerlijk en comfort is er zeker.
De discussie blijft: helpen versus profileren
Wat deze kwestie zo herkenbaar maakt, is dat het debat groter is dan Nicolette alleen. Steeds vaker worden bekende Nederlanders aangesproken op hoe ze goede doelen, ontwikkelingsprojecten of hulpacties in beeld brengen.
De kernvraag blijft: kun je iets delen om aandacht te vragen zonder dat het om jou gaat? Nicolette zegt dat haar bedoelingen goed zijn. Critici zeggen dat goede bedoelingen niet automatisch goede beeldvorming betekenen.
Wat vind jij van deze kritiek?
Nicolette houdt vol dat haar emoties echt waren en dat het project in Gambia mensen helpt. Tegelijk laat deze discussie zien hoe snel de toon omslaat wanneer camera’s meedraaien en de maker zelf het gezicht van ‘hulp’ wordt.
Ben jij team ‘laat haar gewoon helpen’ of vind je dat bekende gezichten extra voorzichtig moeten zijn met dit soort content? Laat het weten in een reactie op onze social media: we zijn benieuwd hoe jij dit ziet.
Bron: mediacourant.nl










