Wie de afgelopen weken met de bus door Utrecht reist, merkt vooral één ding: het is soms lastig te voorspellen of je rit wel echt rijdt. En als hij wél rijdt, kan het gebeuren dat je instapt bij een chauffeur die geen Nederlands spreekt. Dat zorgt voor vragen op haltes én in de bus, maar het is vooral een teken dat de personeelskrapte nog steeds stevig doorwerkt.
Vervoerder Transdev, sinds december verantwoordelijk voor het busvervoer in de regio, haalt daarom ervaren chauffeurs uit andere Europese landen naar Utrecht. Daarmee wil het bedrijf voorkomen dat er nóg meer ritten uitvallen. De chauffeurs spreken volgens Transdev wel Engels op minimaal B1-niveau, wat neerkomt op een praktische basis om je in alledaagse situaties te redden.

Een opvallende keuze in een krappe arbeidsmarkt
Dat je in Nederland in een stadsbus terecht kunt komen met een chauffeur die geen Nederlands spreekt, voelt voor veel reizigers even wennen. Toch is de achterliggende reden behoorlijk herkenbaar: er zijn simpelweg te weinig chauffeurs te vinden. En dat tekort speelt niet alleen in Utrecht, maar in veel regio’s in het openbaar vervoer.
Transdev kiest er daarom voor om over de grens te kijken. Niet om “goedkope” arbeid binnen te halen, maar juist om ervaren mensen te vinden die het vak al kennen. Het doel is helder: de dienstregeling betrouwbaarder maken, zodat reizigers minder vaak voor verrassingen komen te staan.
Wie zijn die nieuwe chauffeurs?
Inmiddels rijden er 117 arbeidsmigranten als chauffeur voor Transdev in Utrecht. Dat is ongeveer 9 procent van het totale chauffeursbestand van 1.300 mensen. Ze komen uit verschillende Europese landen, waaronder Griekenland, Polen, Tsjechië en Spanje.
Volgens Transdev helpt die groep om de dienstregeling “betrouwbaar uit te voeren”. Met andere woorden: elke extra chauffeur maakt het makkelijker om gaten in roosters op te vullen en om uitvallende diensten te beperken. Voor reizigers betekent dat hopelijk: minder geannuleerde ritten en minder lange wachttijden.
Engels in de bus: handig of hinderlijk?
De buitenlandse chauffeurs spreken soms geen Nederlands, maar wel Engels op minimaal B1-niveau. Dat klinkt prima op papier, maar in de praktijk kan het lastig zijn. Zeker als reizigers snel iets willen vragen, zoals waar ze moeten uitstappen of welke halte de juiste is.
Toch is er ook een nuchtere kant: veel vragen in het OV zijn kort en functioneel. Denk aan “Is this bus going to…?” of “Next stop?”. Voor een deel van de reizigers werkt dat prima. En voor wie geen Engels spreekt, kan het juist onhandig en frustrerend zijn.
Hoe Transdev de instroom wil laten slagen
De chauffeurs beginnen via een uitzendbureau met een jaarcontract. Na dat eerste jaar kunnen ze, als alles goed loopt, in dienst komen bij Transdev zelf. Daarmee probeert de vervoerder niet alleen tijdelijk gaten te dichten, maar ook een stabielere basis voor de komende jaren te bouwen.
Daarnaast krijgen nieuwe chauffeurs extra begeleiding. Ze worden gekoppeld aan een buddy en doorlopen een inwerkperiode. Die buddy helpt ze wegwijs te worden in de routes, de lokale werkwijze en de dagelijkse praktische zaken die je niet in één training leert.

Nederlandse les als volgende stap
Als chauffeurs na verloop van tijd bij Transdev in dienst komen, kunnen ze ook Nederlandse taallessen volgen. Dat is bedoeld om makkelijker te integreren op de werkvloer én om het contact met reizigers soepeler te laten verlopen. Zeker in stressmomenten is taal immers meer dan alleen woorden.
In de praktijk kan zo’n taalcursus ook helpen om misverstanden te voorkomen. Denk aan situaties met omleidingen, onverwachte vertragingen of reizigers die hulp nodig hebben. Een paar zinnen Nederlands kunnen dan al veel verschil maken, al zal het natuurlijk tijd kosten om echt vloeiend te worden.
Rover: liever een rijdende bus
Reizigersvereniging Rover kijkt relatief pragmatisch naar de situatie. Ja, het is lastig als je je vraag niet in het Nederlands kunt stellen. Maar volgens Rover weegt dat minder zwaar dan het uitvallen van ritten. Hun houding is duidelijk: je hebt liever dat de bus überhaupt rijdt.
Daar zit een bredere realiteit achter: chauffeurs die Nederlands spreken zijn op dit moment moeilijk te vinden. Arbeidsmigranten inzetten is dan een manier om de dienstregeling draaiende te houden. Zeker nu reizigers al langere tijd klagen over de onvoorspelbaarheid van het busaanbod in Utrecht.
Waarom Utrecht nu extra gevoelig is
Sinds Transdev in december het busvervoer in Utrecht overnam, vallen er regelmatig bussen uit. Dat is niet alleen vervelend voor mensen die naar werk of school moeten, maar tast ook het vertrouwen in het openbaar vervoer aan. Als je niet weet of je bus komt, ga je sneller alternatieven zoeken.
De provincie Utrecht is verantwoordelijk voor het openbaar vervoer in de regio en houdt toezicht op de afspraken met de vervoerder. Transdev rijdt inmiddels minder bussen dan eerder was beloofd en kreeg daarvoor een boete. Extra chauffeurs uit het buitenland moeten helpen om die druk te verlichten.
Huisvesting gekoppeld aan werk: praktische oplossing met een schaduwkant
Voor de buitenlandse chauffeurs regelt het uitzendbureau een kamer, vaak in een gedeeld huis. De huurkosten worden vervolgens ingehouden op het salaris. Transdev stelt dat de betrokken bureaus verantwoordelijk zijn voor een zorgvuldige uitvoering en dat ze werken volgens wet- en regelgeving.
Tegelijk heeft zo’n constructie een kwetsbare kant: wie zijn baan verliest, kan ook zijn woonruimte kwijt raken. Het kabinet wilde deze koppeling eerder afschaffen, maar die plannen gingen uiteindelijk niet door. Op vragen over die afhankelijkheid gaf Transdev volgens RTV Utrecht geen inhoudelijk antwoord.

Wat betekent dit voor reizigers de komende tijd?
Als de instroom van buitenlandse chauffeurs doorzet, is de kans groot dat reizigers in Utrecht ze vaker gaan tegenkomen. Voor de één is het vooral even schakelen, voor de ander een drempel om vragen te stellen. Maar het levert mogelijk wel iets op waar iedereen naar snakt: meer zekerheid in de dienstregeling.
De grote vraag is hoe snel de situatie stabiliseert. Het werven, inwerken en begeleiden kost tijd, zeker met nieuwe routes en lokale regels. Maar als de aanpak werkt, kan Utrecht stap voor stap minder last krijgen van rituitval. Vind jij dit een slimme oplossing of juist een zorgelijke ontwikkeling? Laat het weten via onze sociale media.
Bron: nieuwrechts.nl












