Voor veel mensen die jarenlang hebben gewerkt en nu genieten van hun welverdiende AOW, kan het financiële plaatje er overzichtelijk uitzien. Zeker als er wat spaargeld is opgebouwd, lijkt de toekomst relatief zorgeloos.

Maar achter de schermen spelen veranderingen in de regels rondom zorgkosten een steeds grotere rol, vooral wanneer het gaat om langdurige zorg en beschermde woonvormen.
De manier waarop de overheid en instanties als het Centraal Administratie Kantoor (CAK) bepalen hoeveel iemand zelf aan zijn zorgkosten moet bijdragen, is de laatste tijd onderwerp van gesprek.
In het bijzonder ouderen die afhankelijk zijn van de AOW én beschikken over een spaarpotje vragen zich af wat er precies in hun situatie gaat veranderen, nu de regels opnieuw onder de loep worden genomen.
Compensatie voor spaargeld verder verlaagd
Vanaf 2027 wordt er een belangrijke aanpassing doorgevoerd in de berekening van de eigen bijdrage voor langdurige zorg. Tot nu toe werd een deel van het spaargeld buiten beschouwing gelaten in deze berekening. In het huidige voorbeeld gaat het om €400; dit bedrag wordt vanaf 2027 gehalveerd naar €200.
In de praktijk betekent dit dat slechts €200 van het spaarsaldo niet meetelt bij het bepalen van de hoogte van de eigen bijdrage aan het CAK. Voorheen was dit dus nog het dubbele bedrag.
Deze wijziging houdt in dat ouderen met AOW en spaargeld straks mogelijk meer moeten betalen als zij langdurige zorg nodig hebben of in een beschermde woonvorm verblijven. Doordat een kleiner deel van het spaargeld wordt vrijgesteld, telt voortaan een groter deel mee in de berekening van de eigen bijdrage.
LEES OOK:Heb je AOW en spaargeld? Dan kan deze verandering in 2027 je flink raken
De ‘aftrek’ op het spaarsaldo daalt dus van €400 naar €200, wat direct invloed kan hebben op de maandelijkse lasten.
Meer spaargeld telt mee voor zorgkosten
Voor veel mensen betekent de verlaging van deze compensatie dat hun spaargeld zwaarder gaat wegen bij het vaststellen van hun bijdrage. Vooral ouderen met een bescheiden spaarpot merken sneller een stijging van hun kosten. Met name zij die net iets boven het vrijgestelde bedrag uitkomen, krijgen te maken met hogere maandelijkse bijdragen.
De verlaging van deze compensatie is onderdeel van een bredere aanpak van de overheid om de zorgkosten beheersbaar te houden en de verdeling van de lasten eerlijker te maken. Dit beleid is niet nieuw; het is een voortzetting van eerdere aanpassingen waarbij de nadruk steeds meer komt te liggen op het eigen vermogen van zorggebruikers.
Voor wie geldt deze wijziging?
De maatregel is van toepassing op mensen die gebruikmaken van zorg die wordt vergoed vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz). Het gaat hierbij meestal om ouderen en mensen met een beperking die intensieve zorg nodig hebben.
Ook mensen die vanwege psychische of sociale problematiek aangewezen zijn op een beschermde woonomgeving vallen onder deze regeling. Voor al deze groepen wordt het spaarsaldo een steeds belangrijker factor in de berekening van de kosten die zij zelf moeten dragen.
Wie een buffer heeft opgebouwd, zal merken dat deze buffer vanaf 2027 zwaarder meetelt. De overheid motiveert deze verandering met het argument dat mensen met meer eigen vermogen ook meer kunnen bijdragen aan hun eigen zorg, zodat de kosten eerlijker verdeeld zijn over de samenleving.
Niet alleen spaargeld is bepalend
Hoewel het spaarsaldo een grote rol speelt in de berekening van de eigen bijdrage, kijkt het CAK naar meer factoren. Het totale inkomen, zoals de AOW en eventuele aanvullende pensioenen, wordt eveneens meegenomen. Daarnaast spelen ook het type zorg, de duur ervan en persoonlijke omstandigheden mee in de uiteindelijke berekening van de bijdrage.
Toch is het vooral de verlaging van de spaaraftrek die voor veel ouderen met AOW en spaargeld direct merkbaar zal zijn. Het is daarom verstandig om het eigen vermogen goed in de gaten te houden en tijdig te anticiperen op deze en andere wijzigingen in de regelgeving.
Het belang van inzicht en voorbereiding
Voor ouderen is het raadzaam niet alleen te letten op het bedrag dat maandelijks van de rekening wordt afgeschreven, maar vooral ook te begrijpen hoe de eigen bijdrage precies wordt berekend.
Door inzicht te krijgen in de verschillende onderdelen van deze berekening, kunnen zij nagaan of het bedrag klopt en of het verstandig is om keuzes te maken met betrekking tot sparen of uitgaven.
Niet alleen ouderen zelf, maar ook hun familieleden en mantelzorgers doen er goed aan om op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen. Door samen te kijken naar de financiële situatie kunnen onverwachte verrassingen in de toekomst zoveel mogelijk worden voorkomen.
LEES OOK:Uitgelekte appjes laten zien hoe boos oud-deelnemers van De Bondgenoten zijn
Advies en actuele informatie
De overheid en het CAK adviseren mensen die vragen hebben over hun persoonlijke situatie, of die willen weten hoe de nieuwe regels hun bijdrage beïnvloeden, om contact op te nemen met het CAK of een financieel adviseur.
Zo kunnen zij zich beter voorbereiden op de gevolgen van de veranderingen die in 2027 doorgevoerd worden.
Aangezien de regelgeving rondom eigen bijdragen en compensaties regelmatig wijzigt, is het van belang om actuele informatie goed te blijven volgen. Op deze manier kunnen ouderen en hun naasten tijdig inspelen op veranderingen in hun financiële situatie en blijven onaangename verrassingen tot een minimum beperkt.
De aanpassing van de compensatie is slechts één van de maatregelen waarmee de overheid probeert de zorg betaalbaar te houden en de lasten rechtvaardig te verdelen.
Voor veel mensen betekent dit dat het verstandig is om hun financiële situatie opnieuw tegen het licht te houden en indien nodig hun plannen voor de toekomst aan te passen.










