Een klein groepje jongeren, samengebracht door gedeelde overtuigingen en digitale uitwisselingen, zou volgens justitie afgelopen zomer betrokken zijn geraakt bij plannen die tot ernstige zorgen leidden bij de autoriteiten.

Op het eerste gezicht leek er weinig aan de hand: jongeren uit verschillende steden, onder wie een jongen van zestien uit Rotterdam, die contact met elkaar hielden via chatgroepen en het internet. Maar onder de oppervlakte groeide er iets dat de aandacht trok van de nationale veiligheidsdiensten.
De manier waarop de groep opereerde en de ernst van hun vermoedelijke bedoelingen vormden de aanleiding voor een grootschalig onderzoek door het Openbaar Ministerie en de politie. Informatie verzameld via online communicatiekanalen riep vragen op over de aard van hun plannen en de middelen waarover zij konden beschikken.
De inzet van digitale surveillance en klassiek recherchewerk bracht uiteindelijk een zorgwekkend beeld aan het licht.
Justitie spreekt over voorbereidingen voor een aanslag
Volgens de officier van justitie, die deze week in de rechtbank het woord voerde, wordt de groep ervan verdacht een terroristische aanslag te hebben voorbereid. De jongste verdachte, een zestienjarige uit Rotterdam, zou samen met anderen plannen hebben gesmeed om met een automatisch vuurwapen, een AK47, een aanslag te plegen.
Justitie stelt dat er sprake was van ‘voorbereidingshandelingen’, waaronder het zoeken naar wapens en het bespreken van mogelijke doelen.
Het strafdossier bevat berichten waarin werd gesproken over het “sprayen” met een AK47, een term die verwijst naar het schieten met een automatisch geweer op een groep mensen. Ook werden er concrete aanwijzingen gevonden dat de verdachten daadwerkelijk probeerden om aan een dergelijk wapen te komen.
In de communicatie tussen de betrokkenen kwamen daarnaast uitlatingen naar voren over de wens om een groot aantal slachtoffers te maken.
Verdachten uit verschillende steden
De groep bestond uit jonge mannen afkomstig uit uiteenlopende plaatsen in Nederland. Naast de zestienjarige uit Rotterdam zijn er onder meer verdachten uit Eindhoven, Schiedam en andere steden opgepakt. De leeftijden binnen de groep varieerden, maar het feit dat zo’n jonge verdachte een prominente rol speelde, baart de autoriteiten extra zorgen.
Volgens de officier van justitie was de Rotterdamse jongen niet zomaar een meeloper. Hij zou een actieve rol hebben gespeeld bij het zoeken naar en uitwisselen van informatie over wapens. Ook zou hij anderen hebben aangemoedigd om zich bij de plannen aan te sluiten en mogelijke doelwitten te bespreken.
Rol van sociale media en encryptie
De communicatie tussen de verdachten vond grotendeels plaats via versleutelde chatapps. In deze digitale omgevingen werden foto’s, video’s en berichten gedeeld waarin werd gesproken over jihadistische idealen en het gebruik van wapens. Justitie heeft delen van deze gesprekken kunnen ontcijferen en toegevoegd aan het strafdossier.
Uit het dossier blijkt dat de groep zich niet alleen liet inspireren door internationale terreurorganisaties, maar ook handelde vanuit eigen initiatief. Er werden instructievideo’s gedeeld over het gebruik van vuurwapens en er werd gezocht naar manieren om aan munitie en explosieven te komen.
Daarbij werden in de chats concrete scenario’s besproken, zoals het uitvoeren van een gewapende aanval op een drukbezochte plek.
Onderzoek naar wapenaankoop en financiering
Een belangrijk onderdeel van het onderzoek richtte zich op de pogingen van de groep om daadwerkelijk een AK47 aan te schaffen. Er zijn aanwijzingen dat de verdachten in contact stonden met handelaren die wapens konden leveren.
Ook werd er gesproken over de prijs van het wapen en de mogelijkheden om de aankoop te financieren. Justitie noemt deze voorbereidingen ‘verontrustend concreet’.
Bovendien werden er plannen besproken om geld bij elkaar te krijgen voor de aanschaf van wapens en andere benodigdheden. In de chatgesprekken kwam naar voren dat de verdachten bereid waren om criminele activiteiten te ontplooien om hun doel te bereiken.
De rechtbank kreeg inzage in berichten waarin de jongeren het hadden over het plegen van inbraken en overvallen om zo aan voldoende geld te komen.
Aanhoudingen en verhoren
De politie hield de verdachten in de zomermaanden aan, nadat duidelijk werd dat de plannen steeds concreter werden. Tijdens doorzoekingen van woningen werden telefoons, computers en andere gegevensdragers in beslag genomen. De verdachten werden uitgebreid verhoord over hun motieven, contacten en de stappen die zij hadden gezet om hun plannen uit te voeren.
De zestienjarige uit Rotterdam zit sinds zijn arrestatie in voorlopige hechtenis. De rechtbank besloot dat hij daar voorlopig blijft, gezien de ernst van de verdenkingen en het risico dat hij opnieuw strafbare feiten zou kunnen plegen.
Ook de andere verdachten blijven voorlopig vastzitten in afwachting van hun rechtszaak.
Reacties van advocaten en familie
De advocaten van de jongeren benadrukken dat hun cliënten zich niet daadwerkelijk schuldig hebben gemaakt aan een aanslag en dat er geen sprake was van een direct gevaar. Volgens hen ging het om grootspraak in chats en was er geen sprake van echte voorbereidingen tot geweld.
De familie van de jonge Rotterdammer liet via hun raadsman weten geschokt te zijn door de verdenkingen en benadrukte dat zij hem niet herkennen in het beeld dat door justitie wordt geschetst.
De verdediging stelt dat de jongeren beïnvloedbaar zijn en gemakkelijk meegaan in stoere praat online. De rechtbank zal de komende maanden moeten oordelen over de vraag in hoeverre de plannen daadwerkelijk uitvoerbaar waren en of er sprake is van strafbare voorbereidingshandelingen.
Voortgang van het onderzoek
Het onderzoek van justitie naar de groep is nog in volle gang. Nieuwe digitale sporen worden geanalyseerd en er wordt gekeken naar mogelijke connecties met andere netwerken. De zaak wordt door het Openbaar Ministerie als zeer serieus beschouwd, vanwege de jonge leeftijden van de verdachten en de ernst van hun vermoedelijke bedoelingen.
De rechtbank heeft meer tijd nodig om alle bewijsstukken te beoordelen. In de komende maanden zullen er nieuwe zittingen plaatsvinden, waarbij ook deskundigen worden gehoord over de radicalisering van jongeren en de rol van sociale media bij het verspreiden van extremistische ideeën.
Breder beeld van radicalisering onder jongeren
De zaak rond de zestienjarige Rotterdammer en zijn medeverdachten past in een breder patroon dat de laatste jaren zichtbaar is geworden in Nederland. Steeds vaker raken jongeren betrokken bij radicale netwerken en worden zij via internet in aanraking gebracht met extremistische denkbeelden.
Politie en justitie maken zich zorgen over deze ontwikkeling en investeren in meer preventie en voorlichting op scholen en in buurthuizen.
Hoe de rechtbank uiteindelijk zal oordelen over de zaak, is nog onzeker. De komende maanden zullen beslissend zijn voor de jonge verdachten, hun families en de betrokken autoriteiten.










